Hoe kun je de ziekte van Alzheimer en de ziekte van Pick van elkaar onderscheiden?

Herkennen van Ziekte van Pick De Ziekte van Pick is de gedragsvariant van FTD. Een vorm van dementie die vaak moeilijk wordt herkend. Veranderingen in gedrag, emoties en persoonlijkheid kunnen wijzen op de Ziekte van Pick. Denk hierbij aan dwangmatig gedrag, desinteresse of kinderlijk gedrag.

Hoe wordt FTD gediagnosticeerd?

FTD uit zich vaak in gedragsveranderingen die niet altijd specifiek op dementie wijzen. Naast neuropsychologisch onderzoek (testen van onder andere geheugen, concentratie en taal) is het dan nodig om een MRI-scan te maken. Maar ook MRI-beelden laten soms nog te weinig zien om direct de diagnose FTD te kunnen stellen.

Wat is het verschil tussen de ziekte van Pick en Frontotemporele dementie?

FTD heeft in het begin vooral invloed op gedrag en emoties, spreken en taal of de manier waarop je naaste beweegt. Frontotemporale dementie (FTD) staat ook wel bekend als de ziekte van Pick (spreek uit: Piek) of frontaalkwabdementie. Bij deze vorm van dementie zijn vooral de voorste hersenen beschadigd.

Welke vormen van dementie komen het vaakst voor?

Soorten dementie

  • Ziekte van Alzheimer. De ziekte van Alzheimer is de bekendste en meest voorkomende vorm van dementie.
  • Vasculaire dementie. Vasculaire dementie is een veelvoorkomende vorm van dementie.
  • Lewy body dementie.
  • Frontotemporale dementie.
  • Mild cognitive impairment (MCI)
  • Andere vormen van dementie.

Hoe vaak komt frontotemporale dementie voor?

We weten niet hoeveel mensen frontotemporale dementie hebben. Mogelijk gaat het om ongeveer 4 tot 15 op de 100.000 mensen onder de 65 jaar.

Hoe wordt frontotemporale dementie vastgesteld?

Artsen kunnen vaststellen dat iemand frontotemporale dementie heeft met lichamelijk onderzoek en onderzoek van het bloed, onderzoek van het geheugen, de aandacht en de taal. En met onderzoek van de hersenen. Soms wordt een ruggenmergpunctie gedaan. Genetisch onderzoek is soms mogelijk.

Hoe verloopt FTD?

FTD heeft een onvoorspelbaar verloop. Bij sommige mensen gaat het heel snel, anderen blijven langere tijd stabiel. De eerste fases van elk van de drie vormen van FTD verlopen over het algemeen geleidelijk, met stabiele periodes van enkele maanden of weken. Na enkele jaren worden deze stabiele periodes steeds korter.